In een commentaar in de Groene Amsterdammer schrijft MARGREET FOGTELOO over weer een geval van oprekken van de wet door het kabinet Balkenende. Volgens de wet niet toegestaan, en nadat het uitkwam de neiging om dan de wet maar aan te passen, in tegenstelling tot het (juridisch) aanpakken van de verantwoordelijken voor deze wetsovertreding. We zitten op een hellend vlak en het gaat steeds verder.
DE POLITIEKORPSEN van Rotterdam-Rijnmond en IJsselland zijn tegen de lamp gelopen wegens een wetsovertreding. Uit een rapport van het College Bescherming Persoonsgegevens (CBP), dat vorige week verscheen, bleek dat zij de kentekengegevens van álle automobilisten die rondom Rotterdam langs camera's rijden tien tot meer dagen bewaren. De data zijn voor de politie lekker handig om vanachter het bureau uit te vlooien of iemand strafbare feiten heeft begaan. Zo niet, dan moet ze de gegevens vernietigen. Dat gebeurt niet, en is dus onrechtmatig.
Het registreren van kentekengegevens is in heel Duitsland een paar jaar geleden op initiatief van burgers via de rechter tegengehouden, omdat dit volgsysteem op zich al de privacy van burgers aantast. In Nederland daarentegen ondervindt de overheid vanuit de samenleving weinig weerstand tegen het observeren van bewegingen in de publieke ruimte en het vastleggen van allerlei privacygevoelige gegevens. Is dat omdat we, anders dan onze buren, een groot vertrouwen in de overheid koesteren?
Dat vertrouwen blijkt anders wel moeiteloos al twee jaar door de politie te zijn geschonden. En erger nog, het 'vergrijp' wordt vervolgens zonder schroom gesteund door de ministers Hirsch Ballin (Justitie) en Ter Horst (Binnenlandse Zaken). Zij stellen naar aanleiding van het rapport van het CBP in één adem voor om de wet dan maar aan te passen aan de prakrijk: ze kondigden een wetswijziging aan om de geregistreerde kentekengegevens tien dagen of veel langer door heel Nederland te kunnen bewaren. Niet de politie wordt op de vingers getikt, maar de ministers grijpen hun kans om wéér een digitaal systeem van burgerdata in te voeren.
De politie in Rotterdam motiveerde zichzelf naar aanleiding van het onderzoek schouderophalend met het argument dat 'het bewaren van alle kentekens leidt tot succes, zoals aanhoudingen in moordzaken'. Kunnen zij hun 'succes' inderdaad aantonen met arrestaties van moordenaars?
Dezelfde rechtvaardiging hanteert de overheid. Om grote vissen te vangen zet je een breed elektronisch sleepnet in. Alle burgers worden daarin meegesleept want het zou best kunnen dat blijkt 'dat iemand strafbare feiten heeft begaan'. Een gewelddadige crimineel, een politieke extremist, iemand met een openstaande boete of iemand met een onkreukbaar burgerbestaan zitten gelijkelijk in de netten gevangen.
Als je niks op je kerfstok hebt, merk je daar inderdaad niks van. Wat er met al die dossiers gebeurt, weet je ook niet. Maar wel wordt steeds duidelijker dat de eerder geopperde vrees voor databuilding terecht was. Het verzamelen en scannen van gegevens geldt niet alleen voor gerichte profielen op basis van risicoanalyses, zoals het invoeren van systemen altijd politiek wordt verkocht. Het treft iedereen en de vastlegging werkt bovendien door naar 'later', naar de toekomst. Iedereen is volgens de overheid in potentie verdacht - een attitude die niet getuigt van vertrouwen in de burgers. Criminelen weten overigens altijd de mazen van het net te vinden.
door MARGREET FOGTELOO
Uit de Groene Amsterdammer (4 februari 2010) -meer Groene-
-meer lezen over privacy-schending door de overheid?-
vrijdag 4 juni 2010
woensdag 2 juni 2010
Zucht naar Efficiency; de Nederlandse Ziekte
Het is weer Verkiezingstijd, dus buitelen de politici weer over elkaar heen met hun, al dan niet gefundeerde, plannen en plannetjes. Deze keer zou er monstreus bezuinigd moeten gaan worden, althans dat wil een aanzienlijk deel van hen ons doen geloven. Dus is er een wedstrijd ver-pissen ontstaan over wie er het meest en het meest ingrijpend zou kunnen bezuinigen.
Met name rechts is daar natuurlijk kampioen in; zowel CDA als VVD beloven ons gigantische ingrepen, waar schijnlijk begrijpen nog maar weinigen van ons (ik ook niet hoor!) hoe diep hun plannen wel niet zullen snijden in allerlei essentiële zaken die ons allen aangaan.
Er is ook een type bezuiniging dat veel kiezers erg aanspreekt: bezuinigen op de overheid, dat betekent eigenlijk 'bezuinigen op AMBTENAREN!' Dat soort kretelogie doet het bij veel mensen erg goed, dus wordt het, bij wijze van remedie voor alles, eigenlijk iedere verkiezingscampagne wel weer opgedist door één of meerdere partijen. En vooral door 'daadkrachtige' partijen als VVD en CDA...
Nu ben ik de eerste om er mee in te stemmen dat het allemaal wel wat beter kan bij veel overheidsinstellingen. En beter betekent meestal ook goedkoper. Maar daarvoor is wel wat nodig: precies weten wat je wilt, dit vertalen in heldere richtlijnen, en goed management om het dan vervolgens allemaal in praktijk te brengen. En daar schort het, juist vooral bij CDA en VVD(!), nogal eens aan. Als dat niet het geval zou zijn was het allemaal allang gerealiseerd natuurlijk, want juist deze twee partijen zijn al meer dan een eeuw constant aan de macht.
Het is ze dus tot nu toe niet gelukt. Waarom? Omdat het vaak al in de fase van jholle verkiezingsrethoriek blijft steken: minder bestuurslagen, minder ministeries, met de kaasschaaf bezuinigen, en soms zelfs regelrecht tegenstrijdige opdrachten voor de uitvoerenden. Een mooi voorbeeld was VVD minister van Binnenlandse zaken die met de ene hand het aantal rijksambtenaren flink moest terugbrengen en de loonkosten per ambtenaar moest verlagen en aan de andere kant meer beleid moest realiseren. Dat bleek tegenstrijdig, en dus verklaarde hij, in een interview natuurlijk - en dus niet in de regering, danwel het parlement -, 'in een spagaat te zitten'. Dit is een eufimisme voor 'een onmogelijk taak'. Hij was tenminste nog ergens (even) eerlijk. Meestal wordt het probleem gewoon op het volgende bordje gelegd: door privatisering op de ToDo-lijstjes van de directies van (ineens) particuliere, of tenminste verzelfstandigde 'bedrijven' (die dat vaak natuurlijk helemaal nog niet zijn; je maakt van een overheidsorgaan niet zomaar een competatief markt-bedrijf). Of op het bord van (semi-)overheidsmanagers die ook vaak voor een onmogelijke taak worden gesteld. U snapt: tegenover zo'n klus dient natuurlijk compensatie te staan, die is vaak snel gevonden...veelal in absurd hoge salarissen. Dit soort situaties trekt dan natuurlijk ook nog eens niet het juiste slag mensen aan (n.l. de niet integere, dan wel opportunistische soort), en daarmee zijn dan weer veel schandalen van de afgelopen jaren in de kiem verklaard.
Efficiency is dus vaak het mooi woord voor een stoplap; er wordt wel over gepraat en mee geschermd, maar op zijn best is het windowdressing. Op zijn slechts betekent het dat de uitvoerenden op de werkvloer, en daarmee bedoel ik het onderste echalon, die het gelag betalen; namelijk door harder te moeten werken voor op z'n best hetzelfde, maar vaak zelfs voor minder geld.
De schoonmakers gaven met hun maandenlange staking recent al blijk van het feit dat zij bij die betreurenswaardige groep behoren. Ze 'wonnen'...nou ja, eigenlijk natuurlijk niet; want winnen is niet voor zwaar en vies werk, zonder reiskostenvergoeding, zegge en schrijve 2 dubbeltjes per uur meer gaan verdienen!
Een ander mooi voorbeeld is de post-branche. Ook deze moest, zo'n 25 jaar geleden in de vaart der (wereldwijde) markte te worden opgestuwd. En nu beginnen wij zo langzamerhand de echte daadwerkelijke realisatie daarvan te zien. Veel postbodes raken (op termijn) hun baan kwijt, of zien onder ogen dat ze hetzelfde werk misschien wel voor minder salaris zullen moeten gaan doen. Op z'n best houden ze hetzelfde salaris voor harder werken. Maar de echt betreurenswaardige werkers in die branche daarover hoor je weinig; dat zijn de mensen die, vaak voor karig stukloon, voor andere werkgevers dan TNT Post hun post in brievenbussen stoppen, of aan de deur aanbieden. Het zijn de werkers (ik schijf bewust niet werknemers!) van bedrijven als Postselect en Sand. Zij werken veelal zonder fatsoenlijk contract, en al helemaal niet met een minimum aan zekerheid, en niet zelden onder het wettelijk minimumloon. Maar dan is het tenminste wel efficient, zullen sommigen zeggen, dat soort mensen, in die omstandigheden, wil natuurlijk wel (zo) hard (mogelijk) werken!?
Welnee, dat is het eerste wat duidelijk is: HET IS HELEMAAL NIET EFFICIENT! Want wat is de uitkomst? Dat er drie of meer dagen per week, op de meeste plaatsen, twee of drie(!) postbodes langs de deuren gaan, dat de post in drie verschillende batches wordt verwerkt en bezorgd...
Niemaand maakt mij wijs dat dat efficienter is dan wanneer het (Staatsbedrijf der Ptt), wat betreft post verwerking al vele jaren de witte raaf der wereldwijde postbedrijven wat betreft efficiency, de post had blijven bezorgen onder een (beperkt) monopolie dit minder efficient zou zijn geweest dan wat zich nu dag in , dag uit afspeelt op de nederlandse starten en pleinen.
post
Met name rechts is daar natuurlijk kampioen in; zowel CDA als VVD beloven ons gigantische ingrepen, waar schijnlijk begrijpen nog maar weinigen van ons (ik ook niet hoor!) hoe diep hun plannen wel niet zullen snijden in allerlei essentiële zaken die ons allen aangaan.
Er is ook een type bezuiniging dat veel kiezers erg aanspreekt: bezuinigen op de overheid, dat betekent eigenlijk 'bezuinigen op AMBTENAREN!' Dat soort kretelogie doet het bij veel mensen erg goed, dus wordt het, bij wijze van remedie voor alles, eigenlijk iedere verkiezingscampagne wel weer opgedist door één of meerdere partijen. En vooral door 'daadkrachtige' partijen als VVD en CDA...
Nu ben ik de eerste om er mee in te stemmen dat het allemaal wel wat beter kan bij veel overheidsinstellingen. En beter betekent meestal ook goedkoper. Maar daarvoor is wel wat nodig: precies weten wat je wilt, dit vertalen in heldere richtlijnen, en goed management om het dan vervolgens allemaal in praktijk te brengen. En daar schort het, juist vooral bij CDA en VVD(!), nogal eens aan. Als dat niet het geval zou zijn was het allemaal allang gerealiseerd natuurlijk, want juist deze twee partijen zijn al meer dan een eeuw constant aan de macht.
Het is ze dus tot nu toe niet gelukt. Waarom? Omdat het vaak al in de fase van jholle verkiezingsrethoriek blijft steken: minder bestuurslagen, minder ministeries, met de kaasschaaf bezuinigen, en soms zelfs regelrecht tegenstrijdige opdrachten voor de uitvoerenden. Een mooi voorbeeld was VVD minister van Binnenlandse zaken die met de ene hand het aantal rijksambtenaren flink moest terugbrengen en de loonkosten per ambtenaar moest verlagen en aan de andere kant meer beleid moest realiseren. Dat bleek tegenstrijdig, en dus verklaarde hij, in een interview natuurlijk - en dus niet in de regering, danwel het parlement -, 'in een spagaat te zitten'. Dit is een eufimisme voor 'een onmogelijk taak'. Hij was tenminste nog ergens (even) eerlijk. Meestal wordt het probleem gewoon op het volgende bordje gelegd: door privatisering op de ToDo-lijstjes van de directies van (ineens) particuliere, of tenminste verzelfstandigde 'bedrijven' (die dat vaak natuurlijk helemaal nog niet zijn; je maakt van een overheidsorgaan niet zomaar een competatief markt-bedrijf). Of op het bord van (semi-)overheidsmanagers die ook vaak voor een onmogelijke taak worden gesteld. U snapt: tegenover zo'n klus dient natuurlijk compensatie te staan, die is vaak snel gevonden...veelal in absurd hoge salarissen. Dit soort situaties trekt dan natuurlijk ook nog eens niet het juiste slag mensen aan (n.l. de niet integere, dan wel opportunistische soort), en daarmee zijn dan weer veel schandalen van de afgelopen jaren in de kiem verklaard.
Efficiency is dus vaak het mooi woord voor een stoplap; er wordt wel over gepraat en mee geschermd, maar op zijn best is het windowdressing. Op zijn slechts betekent het dat de uitvoerenden op de werkvloer, en daarmee bedoel ik het onderste echalon, die het gelag betalen; namelijk door harder te moeten werken voor op z'n best hetzelfde, maar vaak zelfs voor minder geld.
De schoonmakers gaven met hun maandenlange staking recent al blijk van het feit dat zij bij die betreurenswaardige groep behoren. Ze 'wonnen'...nou ja, eigenlijk natuurlijk niet; want winnen is niet voor zwaar en vies werk, zonder reiskostenvergoeding, zegge en schrijve 2 dubbeltjes per uur meer gaan verdienen!
Een ander mooi voorbeeld is de post-branche. Ook deze moest, zo'n 25 jaar geleden in de vaart der (wereldwijde) markte te worden opgestuwd. En nu beginnen wij zo langzamerhand de echte daadwerkelijke realisatie daarvan te zien. Veel postbodes raken (op termijn) hun baan kwijt, of zien onder ogen dat ze hetzelfde werk misschien wel voor minder salaris zullen moeten gaan doen. Op z'n best houden ze hetzelfde salaris voor harder werken. Maar de echt betreurenswaardige werkers in die branche daarover hoor je weinig; dat zijn de mensen die, vaak voor karig stukloon, voor andere werkgevers dan TNT Post hun post in brievenbussen stoppen, of aan de deur aanbieden. Het zijn de werkers (ik schijf bewust niet werknemers!) van bedrijven als Postselect en Sand. Zij werken veelal zonder fatsoenlijk contract, en al helemaal niet met een minimum aan zekerheid, en niet zelden onder het wettelijk minimumloon. Maar dan is het tenminste wel efficient, zullen sommigen zeggen, dat soort mensen, in die omstandigheden, wil natuurlijk wel (zo) hard (mogelijk) werken!?
Welnee, dat is het eerste wat duidelijk is: HET IS HELEMAAL NIET EFFICIENT! Want wat is de uitkomst? Dat er drie of meer dagen per week, op de meeste plaatsen, twee of drie(!) postbodes langs de deuren gaan, dat de post in drie verschillende batches wordt verwerkt en bezorgd...
Niemaand maakt mij wijs dat dat efficienter is dan wanneer het (Staatsbedrijf der Ptt), wat betreft post verwerking al vele jaren de witte raaf der wereldwijde postbedrijven wat betreft efficiency, de post had blijven bezorgen onder een (beperkt) monopolie dit minder efficient zou zijn geweest dan wat zich nu dag in , dag uit afspeelt op de nederlandse starten en pleinen.
post
Labels:
Ambtenaren,
Efficiency,
Marktwerking,
Nederlandse Ziekte,
Overheid,
Post
zondag 25 april 2010
Uit Trouw (3-4-2010): Waar is de solidariteit?
Toch niet de eerste, meest linkse, krant waar het gaat om sociaal beleid, zeg maar 'tegen CDA en VVD'; ik heb het over dagblad Trouw. Maar op 3-4-2010 stonden er onderstaande vier verhalen in die allemaal vallen onder de vlag 'Waar is de solidariteit?'. Goede vraag, vandaag de dag! Want de solidariteit is ver te zoeken, steeds verder dus; bijna buiten Nederland heb je nog een kansje zou ik zeggen...
Dat wil natuurlijk niet zeggen dat er geen sociale, solidaire mensen meer zijn in ons land; die zijn er volgens mij nog steeds genoeg, alleen hoor je weinig van en over hen. In deze verhalen klinkt 'de solidaire toon' nog wèl door!
De vier verhalen gaan o.a. over solidariteit met: wao'ers, kwetsbare leerlingen in het onderwijs, en over zorg. Verder een stuk over de zin/onzin was draconische bezuinigingen.
3-4-2010
Waar is de solidariteit?
Wie betaalt de prijs voor de miljardenbezuinigingen? En blijft de solidariteit in de samenleving overeind? Drie deskundigen over de voorstellen die de Haagse ambtenaren donderdag deden. De zwakkere leerlingen krijgen klappen, stelt de onderwijskundige. De gezondheidseconoom is tevreden. „Meebetalen aan je huisarts schaadt de solidariteit volstrekt niet.”
Jeroen den Blijker
Gezondheidszorg is nu eenmaal niet gratis
Fijn dat we in Nederland zo’n goed ambtenarenapparaat hebben, zegt gezondheidseconoom Marcel Canoy. „De werkgroep heeft goed doordachte adviezen uitgebracht over de zorg.” Canoy, hoogleraar gezondheidseconomie aan de universiteit van Tilburg en werkzaam bij adviesbureau Ecorys, kan zich daarom niet vinden in de kritiek op het plan om bijvoorbeeld het eigen risico in de zorgverzekering voor volwassenen van 165 naar 775 euro op te krikken. Of voor ieder bezoek aan de huisarts een eigen bijdrage in rekening te brengen van 5 euro Canoy: „Zo wordt de consument geprikkeld om erbij stil te staan dat zorg niet gratis is. Dat is nu wel het idee omdat de verzekeraar toch wel betaalt.”
Dat deze maatregelen vooral een drempel zijn, gelooft hij niet. „Het eigen risico is in Nederland heel laag; in de Oeso-landen ligt het gemiddeld op vijfhonderd euro. In andere Europese landen kreperen de mensen toch ook niet op straat?” De helft van de mensen die naar de huisarts gaat mankteer bovendien niets, citeert Canoy een onderzoek van zijn Rotterdamse collega Johan Mackenbach. „En vijf euro is echt geen probleem, ook niet voor de lage inkomens”, meent Canoy. „In België is het heel normaal dat je direct afrekent bij de huisarts. Waarom zou dat hier niet kunnen?”
Ook de hervormingsvoorstellen voor de AWBZ juicht Canoy toe. „De AWBZ is al lang niet meer waarvoor zij ooit bedoeld was, namelijk langdurige, onverzekerde zorg die niet gericht is op genezing.”
De AWBZ kent eigenlijk dezelfde handicap als ooit de WAO, meent de econoom. „Te breed gedefinieerd en te zwak getoetst. Dan lopen de kosten almaar op.” Zo kwamen onder de AWBZ onbedoeld allerlei kostbare voorzieningen, bijvoorbeeld op terrein van welzijn en huisvesting. Minder recht en meer eigen bijdragen, voor bijvoorbeeld wonen in een verzorgingshuis, is dan onvermijdelijk. De commissie wil verder de AWBZ-zorg van de sterk groeiende groep mensen met een laag IQ beperken. Het vereiste IQ zou naar beneden moeten, van 85 naar het internationaal aanvaarde 70. Een deel van deze mensen zou dan moeten aankloppen bij jeugdzorg, sociale werkvoorziening of speciaal onderwijs. Canoy: „Dat lijkt op het verschuiven van posten, maar is het niet. Deze instellingen zijn in de regel beter toegerust om hier kostenefficiënt mee om te gaan.” Hij betwijfelt wel of het politiek haalbaar is verzekeraars en gemeenten meer AWBZ-taken voor hun rekening te laten nemen, zoals gesuggereerd.
Dat de ambtenaren de solidariteit om zeep helpen, vindt Canoy onzin. „Een hoger eigen risico en eigen bijdragen staan helemaal niet op gespannen voet met solidariteit. Ik zeg altijd maar zo – in overdrachtelijke zin: „Ik ben liever solidair met mijn rechterbuurvrouw die chronisch ziek is dan met mijn linkerbuurman die geld verspilt omdat hij twee keer in de week onnodig naar de arts gaat.” En voor kwetsbare groepen zoals chronisch zieken is altijd wel een regeling te treffen, meent Canoy. „Al moet je dan accepteren dat de besparing lager is. Uiteindelijk is de keuze aan de politiek.”
Hanne Obbink
Kwetsbaarste leerlingen betalen de prijs
„Het kan”, zegt Wim Meijnen, emeritus hoogleraar onderwijskunde, over veel bezuinigingsvoorstellen van de ambtelijke werkgroep. Een jaar korter in het middelbaar beroepsonderwijs, minder vakken op havo en vwo, minder uren les? „Het kan, zeker. Maar van veel maatregelen zijn de consequenties volstrekt niet te overzien.”
Wie betaalt de prijs? Bij een aantal maatregelen zijn dat vooral de kwetsbaarste groepen, vreest Meijnen. „De werkgroep vindt dat veel mbo-opleidingen wel een jaar korter kunnen. Maar met name op de lagere niveaus heb je te maken met jongeren die niet minder, maar juist méér onderwijstijd nodig hebben. Op die niveaus wordt nu veel aandacht besteed aan socialisatie, aan het leren zich staande te houden in de samenleving. Dat kost tijd. Van de werkgroep mag dat wel wat minder. Maar deze jongeren hebben die aandacht voor socialisatie wel nodig.”
Tegelijkertijd wil de werkgroep minder geld steken in het voorkomen van voortijdige schooluitval. „Daarvoor worden de scholen zelf verantwoordelijk, zegt ze. Maar hoe? Nu al is de vraag vaak: hoe houden we deze jongeren op school, hoe voorkom je dat ze op straat gaan rondhangen? Ik voorzie dat de problemen met dit soort jongeren enorm zullen toenemen,”
Iets soortgelijks geldt ook voor het voortgezet onderwijs. Daar hoeft van de werkgroep straks niet langer 1.000 uur les per jaar gegeven te worden, zoals nu, maar slechts 850. „Op havo en vwo kan dat misschien, daar kan je de leerlingen meer thuis laten werken. Maar in het vmbo kun je niet meer zelfwerkzaamheid van leerlingen vragen. Veel vmbo’ers leren alleen onder toezicht; huiswerk wordt gewoon niet gemaakt.”
Een andere maatregel waarvan heel duidelijk is wie daarvan te lijden heeft, is het sluiten van kleine basisscholen. „Er wordt gesproken van 1.200 kleine scholen, een zesde van het totaal. Dat betekent een geweldige kaalslag in dorpen op het platteland; buiten de Randstad zullen ouders hun kind van heinde en verre naar school moeten brengen.”
Er is eigenlijk maar één bezuinigingsmaatregel waarvoor Meijnen niet op voorhand beducht is: het terugdraaien van de klassenverkleining. Vanaf halverwege de jaren negentig heeft de overheid honderden miljoenen per jaar gestoken in het kleiner maken van de klassen op de basisschool. „Maar daarvan is nooit bewezen dat het onderwijs er beter van wordt.”
Toch heeft ook deze bezuiniging haar prijs. „Als er iets is waarop leerkrachten prijs stellen, zijn het kleinere klassen. Draai je die klassenverkleining terug, dan kun je dus veel verzet verwachten. De prestaties van leerlingen zullen er waarschijnlijk niet onder lijden, maar het heeft wel invloed op de arbeidsomstandigheden. Het aanzien van het beroep zal enorm dalen.”
Wybo Algra
Echt onzinnig: 29 miljard euro per jaar bezuinigen
Harrie Verbon zegt het gedecideerd: „Nee.” Nee, de Tilburgse econoom zag geen spat nieuws in al die mogelijkheden die al die ambtenaren aandroegen om financieel schoon schip te maken. „Hoger collegegeld in het hoger onderwijs, het minimumloon omlaag, daar hoef je toch geen half jaar over na te denken?”
Of neem die voorstellen om provincies en waterschappen te schrappen. „We hebben al heel vaak pogingen gedaan om het openbaar bestuur beter te organiseren. Het punt is dat we gewoon niet zo goed weten wat het beste is. Centraal, decentraal of iets er tussenin. Daar kijken we voortdurend anders tegenaan.”
Nee, vat hij nog maar eens samen, niets nieuws. Zo erg is dat trouwens niet. Want wat Verbon betreft, hoeven we het niet moeilijker te maken dan het is. Zo ziet hij persoonlijk helemaal niet de noodzaak om uiteindelijk 29 miljard euro per jaar te bezuinigen. ’Echt onzinnig’, noemt hij dat zelfs. „Het Centraal Planbureau gaat er dan bijvoorbeeld van uit dat de AOW mee stijgt met de inkomens. Maar dat is de afgelopen dertig jaar helemaal niet gebeurd.”
Niet dat er helemaal niets moet gebeuren. Zo lopen, als we niet oppassen, de zorgkosten gierend uit de hand. „Vroeger kregen de zorginstellingen een vast budget. We hadden toen wachtlijsten, maar financieel wisten we waar we aan toe waren. Nu hebben we marktwerking, maar dat hebben we niet consequent doorgevoerd. Zo krijgen zorgverzekeraars nog steeds geld van de overheid als ze meer uitgeven dan verwacht. Daar moeten we echt iets aan doen. De ambtenaren zoeken de oplossing voor de stijgende zorgkosten in een hoge eigen bijdrage, maar dat vind ik niet sterk. Volgens mij zijn doktoren ook vrij bepalend. Als alle specialisten in loondienst komen, is ook een deel van de kostenexplosie onder controle.”
Voor de zorg moet dus echt een oplossing komen, stelt Verbon. Zou het CPB daarnaast uitgaan van een geringere stijging van de AOW-uitkering, dan is wat hem betreft het probleem al voor een belangrijk deel opgelost: met per jaar een miljard of 15 bezuinigen zijn we er voorlopig dan wel. En die 15 miljard, daar is makkelijk aan te komen. Het hoeft bovendien niet op stel en sprong, als het maar structureel is.
Hij somt op: de hypotheekrenteaftrek. De ambtenaren dragen allerlei varianten aan, maar Verbon is niet voor halve maatregelen. We moeten er op termijn gewoon helemaal vanaf. Dat levert al 11 miljard per jaar op: nog 4 miljard te gaan. Vervolgens de vennootschapsbelasting: die kan makkelijk omhoog. Daarvoor boekt Verbon 2,5 miljard in. „We hebben de belasting op winst in Nederland sterk verlaagd om te kunnen concurreren met het buitenland”, verklaart hij. „Maar dat is doorgeschoten. We zijn een belastinghaven geworden, en dat moeten we niet willen.”
Dan het toptarief voor de inkomstenbelasting. Dat mag van Verbon ook omhoog: nog eens een half tot een heel miljard in de knip. En tenslotte verdere fiscalisering van de AOW, waardoor ouderen meer gaan meebetalen: nog eens ruim een miljard in de knip. „Dan zitten we al over die 15 miljard heen.”
Laura van Baars
Is een WAO'er wel een reddingsboei waard - per saldo reïntegratie
Alle hens aan dek, maar de werkloze arbeidsongeschikte mag onder in het scheepsruim blijven zitten. We komen niet meer bij hem kijken als het schip vergaat. Want die lanterfantende WAO’er, die hadden we stiekem toch al afgeschreven. Ook als we straks weer aanspoelen, hebben we er eigenlijk niets meer aan. Hem een reddingsboei toewerpen, is verspilde moeite. En vooral verspild geld.
Het is een beetje een kille redenering, om werkloze WAO’ers niet langer te helpen bij het vinden van een baan omdat het te weinig oplevert. Het rijk wil 127 miljoen euro bezuinigen op deze dienst van het UWV. Alleen WAO’ers die zelf komen aanzetten met een vacature waarop zij kans denken te maken, kunnen nog op hulp rekenen.
Nu moeten ze het op eigen kracht doen. Hoe erg is dat? Een aantal WAO’ers zal blij zijn niet langer in de nek gehijgd te worden door jobcoaches. Niet voor niets is vaak geklaagd over de onzorgvuldige manier waarop zij door UWV-artsen herkeurd werden. Ineens moesten zij op zoek naar een baan, terwijl zij zich daar niet altijd toe in staat voelden. Al te veel consideratie toonde het UWV niet: arbeidsongeschikten kregen vaker het stempel van profiteurs en zelfs fraudeurs. ’Werk, werk, werk’ en ’Alle hens aan dek’ (u kent ze wel, die politieke slogans) golden altijd ook voor hen. Met de toekomstige krapte op de arbeidsmarkt kon niemand daar gemist worden.
En het ging tot aan de crisis ook best goed met die bemiddeling van herkeurde WAO’ers. Van de mensen die dit in 2005 ondergingen, had 60 procent na drieënhalf jaar nog een baan. Van de groep uit 2006 was tweeënhalf jaar na de herkeuring nog 65 procent aan de slag. WAO’ers zijn dankzij hun eerder opgedane werkervaring soms beter inzetbaar dan mensen met een bijstandsuitkering. Toch krijgen de bijstandsklanten nu nog steeds hulp, en laten we de werkloze WAO’er in de kou staan. Wat de WAO’er overkomt, is iets dat wij in Nederland, waar al sinds Paars I in 1994 de ’meedoen’-gedachte rondwaart, asociaal zouden noemen. Reïntegratie-activiteiten geven ritme, en het gevoel dat er nog iemand op je zit te wachten. Zij geven structuur aan een mensenleven, en aan dat van zijn naasten. Wie zich verveelt en vereenzaamt, zal eerder verslaafd raken of schulden maken. Hij doet doorgaans een groter beroep op de gezondheidszorg. Ofwel, de sociale kosten op andere terreinen dan de reïntegratie nemen toe.
Behalve dat het afschrijven van mensen uiteindelijk nooit een succesvolle bezuiniging kan opleveren, stelt het ons ook voor praktische problemen in de toekomst. Want de babyboomers blijven natuurlijk wel gewoon met pensioen gaan. De krapte op de arbeidsmarkt zwelt verder aan, al lijkt die momenteel nog niet zo nijpend. Maar als we in onze reddingsboeien aanspoelen bij betere tijden, is het schip met werkloze WAO’ers wel vergaan.
Dat wil natuurlijk niet zeggen dat er geen sociale, solidaire mensen meer zijn in ons land; die zijn er volgens mij nog steeds genoeg, alleen hoor je weinig van en over hen. In deze verhalen klinkt 'de solidaire toon' nog wèl door!
De vier verhalen gaan o.a. over solidariteit met: wao'ers, kwetsbare leerlingen in het onderwijs, en over zorg. Verder een stuk over de zin/onzin was draconische bezuinigingen.
3-4-2010
Waar is de solidariteit?
Wie betaalt de prijs voor de miljardenbezuinigingen? En blijft de solidariteit in de samenleving overeind? Drie deskundigen over de voorstellen die de Haagse ambtenaren donderdag deden. De zwakkere leerlingen krijgen klappen, stelt de onderwijskundige. De gezondheidseconoom is tevreden. „Meebetalen aan je huisarts schaadt de solidariteit volstrekt niet.”
Jeroen den Blijker
Gezondheidszorg is nu eenmaal niet gratis
Fijn dat we in Nederland zo’n goed ambtenarenapparaat hebben, zegt gezondheidseconoom Marcel Canoy. „De werkgroep heeft goed doordachte adviezen uitgebracht over de zorg.” Canoy, hoogleraar gezondheidseconomie aan de universiteit van Tilburg en werkzaam bij adviesbureau Ecorys, kan zich daarom niet vinden in de kritiek op het plan om bijvoorbeeld het eigen risico in de zorgverzekering voor volwassenen van 165 naar 775 euro op te krikken. Of voor ieder bezoek aan de huisarts een eigen bijdrage in rekening te brengen van 5 euro Canoy: „Zo wordt de consument geprikkeld om erbij stil te staan dat zorg niet gratis is. Dat is nu wel het idee omdat de verzekeraar toch wel betaalt.”
Dat deze maatregelen vooral een drempel zijn, gelooft hij niet. „Het eigen risico is in Nederland heel laag; in de Oeso-landen ligt het gemiddeld op vijfhonderd euro. In andere Europese landen kreperen de mensen toch ook niet op straat?” De helft van de mensen die naar de huisarts gaat mankteer bovendien niets, citeert Canoy een onderzoek van zijn Rotterdamse collega Johan Mackenbach. „En vijf euro is echt geen probleem, ook niet voor de lage inkomens”, meent Canoy. „In België is het heel normaal dat je direct afrekent bij de huisarts. Waarom zou dat hier niet kunnen?”
Ook de hervormingsvoorstellen voor de AWBZ juicht Canoy toe. „De AWBZ is al lang niet meer waarvoor zij ooit bedoeld was, namelijk langdurige, onverzekerde zorg die niet gericht is op genezing.”
De AWBZ kent eigenlijk dezelfde handicap als ooit de WAO, meent de econoom. „Te breed gedefinieerd en te zwak getoetst. Dan lopen de kosten almaar op.” Zo kwamen onder de AWBZ onbedoeld allerlei kostbare voorzieningen, bijvoorbeeld op terrein van welzijn en huisvesting. Minder recht en meer eigen bijdragen, voor bijvoorbeeld wonen in een verzorgingshuis, is dan onvermijdelijk. De commissie wil verder de AWBZ-zorg van de sterk groeiende groep mensen met een laag IQ beperken. Het vereiste IQ zou naar beneden moeten, van 85 naar het internationaal aanvaarde 70. Een deel van deze mensen zou dan moeten aankloppen bij jeugdzorg, sociale werkvoorziening of speciaal onderwijs. Canoy: „Dat lijkt op het verschuiven van posten, maar is het niet. Deze instellingen zijn in de regel beter toegerust om hier kostenefficiënt mee om te gaan.” Hij betwijfelt wel of het politiek haalbaar is verzekeraars en gemeenten meer AWBZ-taken voor hun rekening te laten nemen, zoals gesuggereerd.
Dat de ambtenaren de solidariteit om zeep helpen, vindt Canoy onzin. „Een hoger eigen risico en eigen bijdragen staan helemaal niet op gespannen voet met solidariteit. Ik zeg altijd maar zo – in overdrachtelijke zin: „Ik ben liever solidair met mijn rechterbuurvrouw die chronisch ziek is dan met mijn linkerbuurman die geld verspilt omdat hij twee keer in de week onnodig naar de arts gaat.” En voor kwetsbare groepen zoals chronisch zieken is altijd wel een regeling te treffen, meent Canoy. „Al moet je dan accepteren dat de besparing lager is. Uiteindelijk is de keuze aan de politiek.”
Hanne Obbink
Kwetsbaarste leerlingen betalen de prijs
„Het kan”, zegt Wim Meijnen, emeritus hoogleraar onderwijskunde, over veel bezuinigingsvoorstellen van de ambtelijke werkgroep. Een jaar korter in het middelbaar beroepsonderwijs, minder vakken op havo en vwo, minder uren les? „Het kan, zeker. Maar van veel maatregelen zijn de consequenties volstrekt niet te overzien.”
Wie betaalt de prijs? Bij een aantal maatregelen zijn dat vooral de kwetsbaarste groepen, vreest Meijnen. „De werkgroep vindt dat veel mbo-opleidingen wel een jaar korter kunnen. Maar met name op de lagere niveaus heb je te maken met jongeren die niet minder, maar juist méér onderwijstijd nodig hebben. Op die niveaus wordt nu veel aandacht besteed aan socialisatie, aan het leren zich staande te houden in de samenleving. Dat kost tijd. Van de werkgroep mag dat wel wat minder. Maar deze jongeren hebben die aandacht voor socialisatie wel nodig.”
Tegelijkertijd wil de werkgroep minder geld steken in het voorkomen van voortijdige schooluitval. „Daarvoor worden de scholen zelf verantwoordelijk, zegt ze. Maar hoe? Nu al is de vraag vaak: hoe houden we deze jongeren op school, hoe voorkom je dat ze op straat gaan rondhangen? Ik voorzie dat de problemen met dit soort jongeren enorm zullen toenemen,”
Iets soortgelijks geldt ook voor het voortgezet onderwijs. Daar hoeft van de werkgroep straks niet langer 1.000 uur les per jaar gegeven te worden, zoals nu, maar slechts 850. „Op havo en vwo kan dat misschien, daar kan je de leerlingen meer thuis laten werken. Maar in het vmbo kun je niet meer zelfwerkzaamheid van leerlingen vragen. Veel vmbo’ers leren alleen onder toezicht; huiswerk wordt gewoon niet gemaakt.”
Een andere maatregel waarvan heel duidelijk is wie daarvan te lijden heeft, is het sluiten van kleine basisscholen. „Er wordt gesproken van 1.200 kleine scholen, een zesde van het totaal. Dat betekent een geweldige kaalslag in dorpen op het platteland; buiten de Randstad zullen ouders hun kind van heinde en verre naar school moeten brengen.”
Er is eigenlijk maar één bezuinigingsmaatregel waarvoor Meijnen niet op voorhand beducht is: het terugdraaien van de klassenverkleining. Vanaf halverwege de jaren negentig heeft de overheid honderden miljoenen per jaar gestoken in het kleiner maken van de klassen op de basisschool. „Maar daarvan is nooit bewezen dat het onderwijs er beter van wordt.”
Toch heeft ook deze bezuiniging haar prijs. „Als er iets is waarop leerkrachten prijs stellen, zijn het kleinere klassen. Draai je die klassenverkleining terug, dan kun je dus veel verzet verwachten. De prestaties van leerlingen zullen er waarschijnlijk niet onder lijden, maar het heeft wel invloed op de arbeidsomstandigheden. Het aanzien van het beroep zal enorm dalen.”
Wybo Algra
Echt onzinnig: 29 miljard euro per jaar bezuinigen
Harrie Verbon zegt het gedecideerd: „Nee.” Nee, de Tilburgse econoom zag geen spat nieuws in al die mogelijkheden die al die ambtenaren aandroegen om financieel schoon schip te maken. „Hoger collegegeld in het hoger onderwijs, het minimumloon omlaag, daar hoef je toch geen half jaar over na te denken?”
Of neem die voorstellen om provincies en waterschappen te schrappen. „We hebben al heel vaak pogingen gedaan om het openbaar bestuur beter te organiseren. Het punt is dat we gewoon niet zo goed weten wat het beste is. Centraal, decentraal of iets er tussenin. Daar kijken we voortdurend anders tegenaan.”
Nee, vat hij nog maar eens samen, niets nieuws. Zo erg is dat trouwens niet. Want wat Verbon betreft, hoeven we het niet moeilijker te maken dan het is. Zo ziet hij persoonlijk helemaal niet de noodzaak om uiteindelijk 29 miljard euro per jaar te bezuinigen. ’Echt onzinnig’, noemt hij dat zelfs. „Het Centraal Planbureau gaat er dan bijvoorbeeld van uit dat de AOW mee stijgt met de inkomens. Maar dat is de afgelopen dertig jaar helemaal niet gebeurd.”
Niet dat er helemaal niets moet gebeuren. Zo lopen, als we niet oppassen, de zorgkosten gierend uit de hand. „Vroeger kregen de zorginstellingen een vast budget. We hadden toen wachtlijsten, maar financieel wisten we waar we aan toe waren. Nu hebben we marktwerking, maar dat hebben we niet consequent doorgevoerd. Zo krijgen zorgverzekeraars nog steeds geld van de overheid als ze meer uitgeven dan verwacht. Daar moeten we echt iets aan doen. De ambtenaren zoeken de oplossing voor de stijgende zorgkosten in een hoge eigen bijdrage, maar dat vind ik niet sterk. Volgens mij zijn doktoren ook vrij bepalend. Als alle specialisten in loondienst komen, is ook een deel van de kostenexplosie onder controle.”
Voor de zorg moet dus echt een oplossing komen, stelt Verbon. Zou het CPB daarnaast uitgaan van een geringere stijging van de AOW-uitkering, dan is wat hem betreft het probleem al voor een belangrijk deel opgelost: met per jaar een miljard of 15 bezuinigen zijn we er voorlopig dan wel. En die 15 miljard, daar is makkelijk aan te komen. Het hoeft bovendien niet op stel en sprong, als het maar structureel is.
Hij somt op: de hypotheekrenteaftrek. De ambtenaren dragen allerlei varianten aan, maar Verbon is niet voor halve maatregelen. We moeten er op termijn gewoon helemaal vanaf. Dat levert al 11 miljard per jaar op: nog 4 miljard te gaan. Vervolgens de vennootschapsbelasting: die kan makkelijk omhoog. Daarvoor boekt Verbon 2,5 miljard in. „We hebben de belasting op winst in Nederland sterk verlaagd om te kunnen concurreren met het buitenland”, verklaart hij. „Maar dat is doorgeschoten. We zijn een belastinghaven geworden, en dat moeten we niet willen.”
Dan het toptarief voor de inkomstenbelasting. Dat mag van Verbon ook omhoog: nog eens een half tot een heel miljard in de knip. En tenslotte verdere fiscalisering van de AOW, waardoor ouderen meer gaan meebetalen: nog eens ruim een miljard in de knip. „Dan zitten we al over die 15 miljard heen.”
Laura van Baars
Is een WAO'er wel een reddingsboei waard - per saldo reïntegratie
Alle hens aan dek, maar de werkloze arbeidsongeschikte mag onder in het scheepsruim blijven zitten. We komen niet meer bij hem kijken als het schip vergaat. Want die lanterfantende WAO’er, die hadden we stiekem toch al afgeschreven. Ook als we straks weer aanspoelen, hebben we er eigenlijk niets meer aan. Hem een reddingsboei toewerpen, is verspilde moeite. En vooral verspild geld.
Het is een beetje een kille redenering, om werkloze WAO’ers niet langer te helpen bij het vinden van een baan omdat het te weinig oplevert. Het rijk wil 127 miljoen euro bezuinigen op deze dienst van het UWV. Alleen WAO’ers die zelf komen aanzetten met een vacature waarop zij kans denken te maken, kunnen nog op hulp rekenen.
Nu moeten ze het op eigen kracht doen. Hoe erg is dat? Een aantal WAO’ers zal blij zijn niet langer in de nek gehijgd te worden door jobcoaches. Niet voor niets is vaak geklaagd over de onzorgvuldige manier waarop zij door UWV-artsen herkeurd werden. Ineens moesten zij op zoek naar een baan, terwijl zij zich daar niet altijd toe in staat voelden. Al te veel consideratie toonde het UWV niet: arbeidsongeschikten kregen vaker het stempel van profiteurs en zelfs fraudeurs. ’Werk, werk, werk’ en ’Alle hens aan dek’ (u kent ze wel, die politieke slogans) golden altijd ook voor hen. Met de toekomstige krapte op de arbeidsmarkt kon niemand daar gemist worden.
En het ging tot aan de crisis ook best goed met die bemiddeling van herkeurde WAO’ers. Van de mensen die dit in 2005 ondergingen, had 60 procent na drieënhalf jaar nog een baan. Van de groep uit 2006 was tweeënhalf jaar na de herkeuring nog 65 procent aan de slag. WAO’ers zijn dankzij hun eerder opgedane werkervaring soms beter inzetbaar dan mensen met een bijstandsuitkering. Toch krijgen de bijstandsklanten nu nog steeds hulp, en laten we de werkloze WAO’er in de kou staan. Wat de WAO’er overkomt, is iets dat wij in Nederland, waar al sinds Paars I in 1994 de ’meedoen’-gedachte rondwaart, asociaal zouden noemen. Reïntegratie-activiteiten geven ritme, en het gevoel dat er nog iemand op je zit te wachten. Zij geven structuur aan een mensenleven, en aan dat van zijn naasten. Wie zich verveelt en vereenzaamt, zal eerder verslaafd raken of schulden maken. Hij doet doorgaans een groter beroep op de gezondheidszorg. Ofwel, de sociale kosten op andere terreinen dan de reïntegratie nemen toe.
Behalve dat het afschrijven van mensen uiteindelijk nooit een succesvolle bezuiniging kan opleveren, stelt het ons ook voor praktische problemen in de toekomst. Want de babyboomers blijven natuurlijk wel gewoon met pensioen gaan. De krapte op de arbeidsmarkt zwelt verder aan, al lijkt die momenteel nog niet zo nijpend. Maar als we in onze reddingsboeien aanspoelen bij betere tijden, is het schip met werkloze WAO’ers wel vergaan.
Labels:
CDA,
Extremistisch-Markt-Denken,
Marktwerking,
Onderwijs,
Wao/Wia/Wajong,
Zorg
vrijdag 9 april 2010
Burger-Inspectie-Commissies
De Overheid (Bestuur, Volksvertegenwoordiging en Ambtenaren) zijn er voor de Samenleving en (dus) voor de Burgers; zo is het bedoeld, en echt niet andersom! Toch weet iedereen die zijn ogen en verstand een beetje de kost geeft dat het heel vaak wel lijkt alsof het andersom is...
Hoe zou je dat nu kunnen veranderen op een relatief snelle, eenvoudige manier?
Ik denk door het instellen van Burger-Inspectie-Commissies (BIC), die de mogelijkheid hebben om direct onderzoek te doen naar de werking van een Overheids-onderdeel. Vergelijk het met het Burger-Initiatief dat nu ook (tenminste op papier) al bestaat. Daar heb je een bepaald aantal hantekeningen nodig om iets te agenderen in de Tweede Kamer (en misschien ook in Europa?). Mijn idee is om een zelfde mechanisme te creëren om een groep burgers, geassisteerd door enkele professionals, een kort onderzoek te laten verrichten binnen een Overheids-Onderdeel/-Orgaan. Het moet dan gaan om een duidelijk omschreven probleem, bijvoorbeeld: "Waarom moet het zolang duren voordat handeling-X door de Overheid wordt afgehandeld?", of: "Waarom gaat actie-Y zo vaak mis?". Een BIC heeft het recht mensen binnen het betreffende Overheids-onderdeel te horen, zich voor te laten lichten over de processen, etc, etc. Als alle informatie (binnen een relatief beperkte periode) boven tafel is kan de BIC een aanbeveling schrijven aan het orgaan dan erover gaat, bijvoorbeeld de Tweede Kamer, de Regering, Provinciale Staten, etc. met aanbevelingen hoe e.e.a. kan worden verbeterd. Van deze aanbeveling dient dan verplicht werk te worden gemaakt. Het gaat hier dus niet om politieke keuzes, maar om de uitvoering van processen binnen de Overheid. Om fouten eruit te halen en nodeloze belemmeringen; opdat wij allen een Betere Overheid krijgen!
Hoe zou je dat nu kunnen veranderen op een relatief snelle, eenvoudige manier?
Ik denk door het instellen van Burger-Inspectie-Commissies (BIC), die de mogelijkheid hebben om direct onderzoek te doen naar de werking van een Overheids-onderdeel. Vergelijk het met het Burger-Initiatief dat nu ook (tenminste op papier) al bestaat. Daar heb je een bepaald aantal hantekeningen nodig om iets te agenderen in de Tweede Kamer (en misschien ook in Europa?). Mijn idee is om een zelfde mechanisme te creëren om een groep burgers, geassisteerd door enkele professionals, een kort onderzoek te laten verrichten binnen een Overheids-Onderdeel/-Orgaan. Het moet dan gaan om een duidelijk omschreven probleem, bijvoorbeeld: "Waarom moet het zolang duren voordat handeling-X door de Overheid wordt afgehandeld?", of: "Waarom gaat actie-Y zo vaak mis?". Een BIC heeft het recht mensen binnen het betreffende Overheids-onderdeel te horen, zich voor te laten lichten over de processen, etc, etc. Als alle informatie (binnen een relatief beperkte periode) boven tafel is kan de BIC een aanbeveling schrijven aan het orgaan dan erover gaat, bijvoorbeeld de Tweede Kamer, de Regering, Provinciale Staten, etc. met aanbevelingen hoe e.e.a. kan worden verbeterd. Van deze aanbeveling dient dan verplicht werk te worden gemaakt. Het gaat hier dus niet om politieke keuzes, maar om de uitvoering van processen binnen de Overheid. Om fouten eruit te halen en nodeloze belemmeringen; opdat wij allen een Betere Overheid krijgen!
Labels:
inleiding,
Politiek,
Vernieuwing Democratie
vrijdag 19 maart 2010
No More 'Four More Years'
Ik plaatste het net op mijn andere weblog, en ik kan 'het er niet meer mee eens zijn!'
De boodschap van Willem Breedveld van Trouw, aan Balkenende: het is een slechte zaak dat een MP denkt op te kunnen gaan voor een een succesvolle nieuwe termijn na al twee termijnen in duur (dus zo'n 8 jaar), en dus al helemaal als je in 7 jaar 4 1/2'e regering onder jouw signatuur doorheen hebt gejaagd...

Breedveld gaat nog verder een geeft voorbeelden van andere fatale (derde) termijnen teveel; bijvoorbeeld Blair en Lubbers.
Maar eigenlijk zou ik willen pleiten voor een nog verdergaande inperking van 'Regeringsleiders op herhaling', zelfs voor Amerika (waar dit (zie Breedveld) 'bij Grondwet is geregeld'), zou het een goede zaak zijn deze wet aan te scherpen...
Mijn voorstel is:
1) Regeringsleiders dienen gekozen te worden (dus: programma, coalitie en MP/President!), dit is in verschillende vorm in AMerika en Groot Brittanië al het geval!
2) Een Regeringsleider dient beperkt te worden in, de wellicht 'natuurlijke drang', aan te willen blijven in het hoogste ambt. Maximaal twee keer een regering van 'jouw signatuur', wellicht drie...
3) Maar so-wie-so NIET 'Back-to-Back'; er zal dus altijd een regering tussen moeten zitten die geleid wordt door iemand anders, al dan niet van andere textuur. Pas na minimaal één opvolger een regering heeft geleid, en met een minimaal tussenpoos van minimaal vier jaar kan je 'het nog een s proberen', en opgaan voor je 'Tweede, of Derde, Termijn'!
Ik zie het volgende voordeel: een regeringsleider kan niet vastroesten op het pluche, krijgt in een vervolg niet te maken met een 'al zittende' kring van 'naar de mond praters om hem heen. Alles wordt dus iedere keer opgeschud, en de 'Nieuwe Leider' zal moeten reflekteren op zichzelf, zichzelf opnieuw uit moeten vinden, enneiuwe mensen om zich heen moeten benoemen.
Het allerbelangerijkst: de kiezer heeft ook de tijd om te reflekteren! Na een periode waarin het stof neergedaald is wordt veel beter zichtbaar of iemand/een coalitie het goed heeft gedaan of misschien toch niet, er speelt geen dwang, drang of manipulatie onder tijdsdruk plaats. En er zullen altijd potentiële opvolgers van diverse snit in de coulisen klaar dienen te staan die maar beter goede plannen kunnen hebben, de contacten meet potentiële coalitiepartners moeten onderhouden worden, en dat lijkt mij juist voor onze situatie een uiterst goede zaak!
De boodschap van Willem Breedveld van Trouw, aan Balkenende: het is een slechte zaak dat een MP denkt op te kunnen gaan voor een een succesvolle nieuwe termijn na al twee termijnen in duur (dus zo'n 8 jaar), en dus al helemaal als je in 7 jaar 4 1/2'e regering onder jouw signatuur doorheen hebt gejaagd...

Breedveld gaat nog verder een geeft voorbeelden van andere fatale (derde) termijnen teveel; bijvoorbeeld Blair en Lubbers.
Maar eigenlijk zou ik willen pleiten voor een nog verdergaande inperking van 'Regeringsleiders op herhaling', zelfs voor Amerika (waar dit (zie Breedveld) 'bij Grondwet is geregeld'), zou het een goede zaak zijn deze wet aan te scherpen...
Mijn voorstel is:
1) Regeringsleiders dienen gekozen te worden (dus: programma, coalitie en MP/President!), dit is in verschillende vorm in AMerika en Groot Brittanië al het geval!
2) Een Regeringsleider dient beperkt te worden in, de wellicht 'natuurlijke drang', aan te willen blijven in het hoogste ambt. Maximaal twee keer een regering van 'jouw signatuur', wellicht drie...
3) Maar so-wie-so NIET 'Back-to-Back'; er zal dus altijd een regering tussen moeten zitten die geleid wordt door iemand anders, al dan niet van andere textuur. Pas na minimaal één opvolger een regering heeft geleid, en met een minimaal tussenpoos van minimaal vier jaar kan je 'het nog een s proberen', en opgaan voor je 'Tweede, of Derde, Termijn'!
Ik zie het volgende voordeel: een regeringsleider kan niet vastroesten op het pluche, krijgt in een vervolg niet te maken met een 'al zittende' kring van 'naar de mond praters om hem heen. Alles wordt dus iedere keer opgeschud, en de 'Nieuwe Leider' zal moeten reflekteren op zichzelf, zichzelf opnieuw uit moeten vinden, enneiuwe mensen om zich heen moeten benoemen.
Het allerbelangerijkst: de kiezer heeft ook de tijd om te reflekteren! Na een periode waarin het stof neergedaald is wordt veel beter zichtbaar of iemand/een coalitie het goed heeft gedaan of misschien toch niet, er speelt geen dwang, drang of manipulatie onder tijdsdruk plaats. En er zullen altijd potentiële opvolgers van diverse snit in de coulisen klaar dienen te staan die maar beter goede plannen kunnen hebben, de contacten meet potentiële coalitiepartners moeten onderhouden worden, en dat lijkt mij juist voor onze situatie een uiterst goede zaak!
Gaat het er toch van komen...?
Ik ben ooit met deze serie begonnen omdat ik het huidige politieke spel 'in de poep zag draaien', en dacht "er moet iets nieuws komen, EN het moet over Links". De PvdA was toen nog de grootste (misschien) en had dus de sleutel in handen, maar Wouter Bos wilde expliciet zijn opties (zoals 'met het CDA') open houden; misschien was hij toen ook nog wel veel 'Rechtser' alsnu, en is hij dus inderdaad weer een beetje naar Links gezwabberd. Maar in ieder geval heeft hij, al dan niet samen met Cohen, voor een veel linksere koers gekozen en schreeuwt Job Cohen dat inmiddels ook van de daken. Er is dus weer een sprankje hoop, in ieder geval voor mij - en met mij voor velen -, dat het (natuurlijk na een aantal zeer tumultueuze maanden die ongetwijfeld in ons vooruitschiet liggen! Op naar de (door mij al jaren gepropageerde) eerste, 'echte' Nederlandse Linkse coalitie allertijden. Het zal 'Rechts' een gruwel zijn, er zal ongetwijfeld worden geroepen dat het land dan zeker financieel in de afgrond loopt, maar (al even ongetwijfeld) zal, net zoals onder de (in Amerika) al even 'Linkse' Bill Clinton zullen dan hier, onder MP Job Cohen - en in een coalitie met tenminste PvdA, SP, Groen Links, CU en (hopelijk) D66, en (misschien) PvdD, alle financiële problemen (die natuurlijk niet gering zijn en dus ook niet in heel korte tijd) als sneeuw voor de zon verdwijnen. Maar het gaat dan wel om heel veel sneeuw, opgebouwd in een barre winter, van 'Zeven Lange Jaren Balkenende' en daarvoor nog van 'meerdere jaren meer Zalm-filosofie'.
Labels:
CDA,
Extremistisch-Markt-Denken,
Links,
Politiek
dinsdag 2 maart 2010
Klink: "Ik lieg niet...!"
Als iemand zegt "Ik lieg niet...!", of "Jij zegt dat ik lieg, maar dat is niet zo!", dan gaan bij mij tegenwoordig de eerste seinen op rood, vooral als het een politicus is die dat zegt; meestal betekent dit dat er, op z'n minst, wel iets aan de hand is met de 'waarheid' die dan net over tafel is gegaan. Zojuist zei minister Klink dus bij NOVA in het debat: "Ik lieg niet...!". Hij zei het met de zelfvoldane glimlach die de (weinige) mensen die deze bewindsman weleens in actie hebben gezien, dat zijn er niet zoveel omdat hij de schijnwerpers lijkt te mijden, hij is in ieder ieder geval niet veel 'live' te zien. Maar dat betekent niet dat hij weinig zelfvertrouwen heeft, integendeel hij acteert vaak alsof hij de wijsheid in pacht heeft. Hij is dan ook een van de ideologen achter Balkenende, en had een flinke vinger in de pap bij de agenda volgens welke wij de laatste 7 jaar, door vriend Balkenende dus, bestuurd zijn. In mijn ogen is hij echt een van de 'kwade geniussen' achter het beleid van de laatste jaren; dus achter de WAO-herkeuringen, de marktwerking in de zorg, de volkshuisvesting, de energiemarkt, de aanpassing van de AOW-leeftijd, het uitkleden van de thuiszorg, ..., ach waar eigenlijk niet. Die succesvolle marktwerking dus die uiteindelijk in zijn ultieme vorm de topsalarissen, de bonussen (ook/juist) voor falende topmensen, uiteindelijk de financiële crisis waar we nu inzitten dus, een van de architecten achter al die heilzame ontwikkelingen dus... Maar goed deze CDA-ideoloog is dus drie jaar geleden, omdat Balkenende zijn vrienden ("de beste mensen" dus), "op de beste plekken" wilde hebben, minister werd, en wel van VWS waar de gezondheidszorg onder valt. Dan hebben we het dus over de marktwerking in de zorg, en daar ging het bij NOVA over. Hij zei: "het werkt, gisteren zijn de resultaten binnen gekomen! Ik lieg niet..."
Nu ben ik zelf ook al een beetje met Klink's grote project in aanraking gekomen: het afknijpen van de zorg, direct, of indirect via de marktwerking tussen Zorgkosten-Verzekeraars, waar er inmiddels nog maar drie van over schijnen te zijn die samen het overgrote deel van 'de markt' in handen hebben. Is dat een gezonde markt? Drie verzekeraars? Dan gebeurt er wat ik aan den lijve ondervonden heb: ineens valt een behandelaar waar ik, met toestemming van de verzekeraar zelf, al drie jaar naar volle tevredenheid onder behandeling ben, niet langer onder de 'erkende behandelaars' en worden mijn nota's 'dus niet meer vergoed'. Inmiddels hoor ik dezelfde verhalen ook meer en meer van anderen; het grote uitknijpen van de Zorg, onder leiding van Klink, is dus begonnen. Eerst trof dat alleen bejaarden in verzorgingstehuizen of met thuiszorg, nu gaat dit op voor meer en meer mensen. Straks voor eenieder die niet een dikke vette portefeuille heeft en benodigde hulp gewoon zelf kan betalen. "Het werkt! Ik lieg niet...!", was getekend, Minister Klink.
Nu ben ik zelf ook al een beetje met Klink's grote project in aanraking gekomen: het afknijpen van de zorg, direct, of indirect via de marktwerking tussen Zorgkosten-Verzekeraars, waar er inmiddels nog maar drie van over schijnen te zijn die samen het overgrote deel van 'de markt' in handen hebben. Is dat een gezonde markt? Drie verzekeraars? Dan gebeurt er wat ik aan den lijve ondervonden heb: ineens valt een behandelaar waar ik, met toestemming van de verzekeraar zelf, al drie jaar naar volle tevredenheid onder behandeling ben, niet langer onder de 'erkende behandelaars' en worden mijn nota's 'dus niet meer vergoed'. Inmiddels hoor ik dezelfde verhalen ook meer en meer van anderen; het grote uitknijpen van de Zorg, onder leiding van Klink, is dus begonnen. Eerst trof dat alleen bejaarden in verzorgingstehuizen of met thuiszorg, nu gaat dit op voor meer en meer mensen. Straks voor eenieder die niet een dikke vette portefeuille heeft en benodigde hulp gewoon zelf kan betalen. "Het werkt! Ik lieg niet...!", was getekend, Minister Klink.
Abonneren op:
Posts (Atom)